Banningprijs 2006 - Rapport van de juryHij verkiest relevantie boven brille; dan maar geen Einstein
Door Dick Pels
Banning
"Vandaag, 12 mei 2006, reiken we
hier in De Rode Hoed voor de vijfde keer de Banningprijs uit. Die prijs
werd in 1988 ingesteld ter gelegenheid van de honderdste geboortedag van
dr. Willem Banning, de ‘rode dominee’ (1888-1971), grondlegger van het
religieus geïnspireerde socialisme in Nederland en mede-oprichter van de
PvdA in 1946. Als haar belangrijkste denker gedurende de jaren veertig
en vijftig van de vorige eeuw, drukte Banning een onmiskenbaar stempel
op de beginselprogramma’s van 1947 en 1959. Vanaf 1939 was hij jarenlang
de intellectuele leidsman van het PvdA-denkblad Socialisme &
Democratie.
Banning bepleitte een
niet-materialistisch, humanistisch en vrijzinnig socialisme dat een
sterke nadruk legt op de cultuur en op bindende normen zoals
rechtvaardigheid, gemeenschap, verantwoordelijkheid en solidariteit.
Individu en gemeenschap waren voor Banning onverbrekelijk met elkaar
verbonden. Het ‘personalisme’ of personalistisch socialisme dat hij in
navolging van Franse sociaal-christelijke denkers omarmde, stond voor de
vrije ontplooiing van individuen in solidaire gemeenschappen. Dit
personalisme stond volgens Banning haaks op het economisch liberalisme
en het ‘anarchistische’ individualisme.
Den Uyl
Laten we nog even stilstaan bij dat
jaar 1988. Het jaar ervoor, in december 1987, was Joop den Uyl
gestorven, die Banning als een van zijn belangrijkste leermeesters
beschouwde. Een andere leermeester van Den Uyl, de individualistische en
liberale socialist Jacques de Kadt en ala zodanig de grote intellectuele
tegenspeler van Banning, overleed in maart van datzelfde jaar 1988; hij
overleefde zijn oud-leerling dus nauwelijks enkele maanden. Het
geesteskind van Banning, de religieus-socialistische Arbeiders
Gemeenschap der Woodbrookers (AG), werd in 1995 opgeheven om op te gaan
in de vereniging De Rode Hoed. Nu heet zij de Vereniging voor Zingeving
en Democratie, die ook het secretariaat voert van het Trefpunt van
Socialisme en Levensovertuiging, een PvdA-werkgroep voor religieus
geïnspireerde sociaal-democraten. In het spoor van Banning willen deze
groepen zij zich bezinnen op waarden die in de huidige
vercommercialiseerde cultuur in het gedrang zijn gekomen.
Wouter Bos
Die eerste keer in 1988 werd de
prijs uitgereikt in de Banningzaal in het AG-hoofdkwartier te Bentveld.
Ik had het geluk die eerste winnaar te zijn, met een opstel getiteld
‘Willem Banning: voor en tegen’. Een eervolle vermelding kreeg indertijd
het essay ‘Kiezen voor vrijheid’ van ene Wouter Bos, nu leider van de
Partij van de Arbeid en één van de auteurs van het nieuwe
beginselmanifest van 2005. In zijn boekje Dit land kan zoveel beter
wordt dit feit nog even aangehaald. Speciale vermelding verdient dat
Joop van den Berg, toenmalig directeur van de Wiardi Beckman Stichting,
later hoogleraar, directievoorzitter van de VNG en lid van de Eerste
Kamer, al die tijd jurylid van de Banningprijs is gebleven.
Over het stuk van Wouter Bos
vermeldt het juryrapport o.a. dat de auteur van mening is dat ‘in het
beginselprogramma van de PvdA (d.w.z. het ‘nieuwlinkse’
beginselprogramma van 1977 -DP) het gelijkheidsbeginsel te sterk wordt
beklemtoond, en de visie verdedigt dat in het democratisch-socialisme
gelijkheid juist wordt beklemtoond met het oog op een verderliggend
doel: een minder ongelijke verdeling van individuele vrijheden. Vrijheid
krijgt aldus voor socialisten het karakter van een recht, aan ieder
gelijkelijk (democratisch) toe te delen’. Bos wordt geprezen om zijn
‘goed inzicht in de geschiedenis van politieke ideeën’: ‘Het denken van
Banning is zeer fraai verwerkt. De conclusies zijn gedurfd, wat
bijdraagt tot de aantrekkelijkheid van het stuk’. Maar, aldus de
juryvoorzitter, ‘niet alle conclusies zijn even deugdelijk onderbouwd’
en de betoogtrant is niet altijd even helder. Wat opvalt is dat de jonge
Bos het vrijheidsideaal dan al voorrang verleent boven het
gelijkheidsideaal, op een manier die Banning minder welgevallig zou zijn
geweest, omdat die in feite dichter staat bij het denken van diens grote
tegenpool De Kadt.
1991, 1993, 2004
De tweede en derde maal dat de
prijs werd uitgereikt, werden de inzenders gebonden aan een actueel
thema. In 1991 was dat ‘burgerschap en burgerzin’, en de winnaar was Ido
de Haan. In 1993 was dat ‘de natie’, met als winnaar Pieter Hilhorst. Na
een interval van vijftien jaar werd de prijs voor 2004 opnieuw
uitgeloofd, en gewonnen door Richard Esser met een essay getiteld ‘Henri
Thoreau en de consumptiedwang’.
Politiek? Nu even niet!
Dit jaar was het thema: ‘Politiek?
Nu even niet!’ Achter het uitroepteken verschool zich een vraag die als
volgt werd toegelicht. In een wereld van overvloed en keuzevrijheid
lijken traditionele groepsverbanden, waaronder religieuze en politieke,
ingrijpend te veranderen. Jonge mensen lijken zich minder aangetrokken
te voelen tot klassieke verenigingsvormen. Is dat zo? In hoeverre laat
persoonlijke ontwikkeling zich combineren met sociale en politieke
betrokkenheid? Tekenen zich misschien nieuwe vormen van politiek
bedrijven af, in nieuwe netwerken, in lokale of internationale
verbanden?
Aanmoedingsprijs
De winnaar werd € 1.000,- in het
vooruitzicht gesteld, alsmede publicatie van het essay in Socialisme
& Democratie. Uit de 28 inzendingen koos de jury drie
genomineerden: Jan Hartman, Albert Jan Kruiter en Whee Ky Ma. Ook
besloot zij een aanmoedigingsprijs(je) toe te kennen aan de (toen?)
zestienjarige Wessel Reijers. Hij schreef een essay over de ‘koude
oorlog’ tussen wetenschap en geloof. Ofschoon dit onderwerp niet goed in
het thema paste, waardeert de jury de durf en de heldere betoogtrant van
wat zij beschouwt als een jong schrijverstalent.
Jan Hartman
Verder oordeelde de jury als volgt.
Jan Hartman, cultuurhistoricus en promovendus aan de Erasmus
Universiteit Rotterdam, schreef een helder stuk onder de titel:
‘Politiek: Niet Zo!’, waarin hij betoogt dat jongeren niet zozeer
a-politiek zijn maar ‘anders-politiek’. De politieke beleving van oudere
en jongere generaties verschilt: solidariteit is eerder een vorm van
expressie dan een contributie geworden. De vorm van de participatie, de
ervaring van authenticiteit is belangrijker geworden; en individualisme
weegt tegenwoordig zwaarder dan partijlidmaatschap. Hartman pleit in
feite voor een nieuwe politieke ‘beleveniseconomie’, zoals die
bijvoorbeeld gestalte krijgt via initiatieven als Coolpolitics.
De jury waardeert de frisheid en de relativerende humor van dit essay,
en de originaliteit van Hartmans onderscheid tussen expressors en
contributors. Maar de toepassing valt wat tegen. Legt Hartman
zich niet te gemakkelijk neer bij het verlangen van jongeren om de
politiek anders te ervaren? Kan de ‘coole’ politiek het klassieke
politieke proces vervangen?
Albert Jan Kruiter
Albert Jan Kruiter, onderzoeker bij
de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur schreef een mooi
gecomponeerd stuk getiteld ‘Over Anthony, professionalisering en
betrokkenheid’. In zijn jeugd was de zwakbegaafde Anthony tweemaal per
week te gast in het gezin, maar de professionalisering van de zorg
maakte een einde aan deze directe vorm van betrokkenheid. De overdaad
aan eigen keuzemogelijkheden tijdens zijn middelbare schooltijd maakte
dat de betrokkenheid op de ‘ander’ verder uit het zicht verdween. In
zijn huidige werk probeert hij een betere balans te vinden tussen
professionele en publieke waarden, een streven dat hij ook bij andere
leeftijdgenoten waarneemt. De jury waardeert de fraaie afwisseling
tussen deze persoonlijke en de meer theoretische passages, waarin
Kruiter aan de hand van De Tocqueville en Dewey pleit voor publiek
engagement als welbegrepen eigenbelang en voor een vorm van
zelfontplooiing die altijd is betrokken op anderen. Zij is opgetogen
over het optimistische slot, maar vraagt zich wel af in hoeverre de
verzoening van professionaliteit en betrokkenheid een sympathieke vorm
van wensdenken is.
Winnaar Whee Ky Ma
Zo komen we ten slotte bij de
inzending van Whee Ky Ma, onderzoeker in de neurowetenschap aan de
University of Rochester in de USA, die een autobiografisch getoonzet
stuk schreef onder de titel ‘Het voordeel van de twijfel’. Zijn
aanvankelijke ambitie om Einstein naar de kroon te steken moest
wedijveren met een passie voor de politiek die hem ook na zijn promotie
niet wilde loslaten. Na een bezoek aan zijn familie op het Chinese
platteland werd hij geraakt door de armoede en de culturele achterstand.
In 2004 richtte hij de Rural China Education Foundation op, een NGO die
het leven van plattelandskinderen wil verbeteren via
kwaliteitsonderwijs. Het klassieke dilemma: óf alle kaarten zetten op de
wetenschap óf een plaats in de middenmoot innemen, vervaagde als gevolg
van de nieuwe balans die hij vond tussen wetenschappelijk werk en
sociale betrokkenheid. Hij verkoos relevantie boven brille. Zijn
toekomstdroom is nu voor de ene helft professor in de neurowetenschappen
zijn, en voor de andere helft (de andere hersenhelft?) zijn
onderwijs-NGO tot een effectieve en gerespecteerde organisatie maken. De
jury beoordeelt het essay van Ma als het sterkste, meest aansprekende en
meest originele essay. Zij is gecharmeerd door Ma’s soepele,
relativerende stijl en bewondert zijn moedige keuze om de twijfel aan
het alleenzaligmakend karakter van wetenschappelijke ambities om te
zetten in het voordeel van een meer evenwichtig, sociaal geëngageerd
bestaan. Dan maar geen Einstein, zoals Ma aan het einde van zijn stuk
zonder al te veel spijt zegt.
Whee Ky Ma is dan ook de winnaar
van de vijfde Banningprijs. De tweede plaats is voor Albert Jan Kruiter
en de derde voor Jan Hartman. De drie genomineerde essays zijn opgenomen
in dit speciaal voor deze gelegenheid vervaardigd boekje, terwijl het
winnende essay binnenkort zal worden gepubliceerd in Socialisme &
Democratie. Rest mij nog om namens de jury van de Banningprijs 2006
een welgemeende gelukwens uit te spreken aan het adres van Whee Ky Ma,
Albert Jan Kruiter, Jan Hartman en Wessel Reijers. Ik dank u allen zeer."
De jury van de Banningprijs 2006
bestond uit:
-
Joop van den Berg (hoogleraar
parlementaire geschiedenis)
-
Richard Esser (winnaar
Banningprijs 2004)
-
Mare Faber (Wiardi Beckman
Stichting)
-
Mieke Groen (Vereniging voor
Zingeving en Democratie)
-
Dick Pels (socioloog en winnaar
Banningprijs 1989)
-
Johan van Workum (Vereniging voor
Zingeving en Democratie)
-
Hansje van der Woude (Woodbrookers
Barchem)
Coördinatie namens de Vereniging
voor Zingeving en Democratie: Mieke Groen & Kees Waagmeester.
|